|
JAPANS
|
NEDERLANDS
|
| |
|
| REI
|
Buigen, dit wordt voor aanvang van de wedstrijd gezegd, om de judoka’s naar elkaar te laten groeten
|
|
HAJIME
|
Begin, dit wordt gezegd bij het begin van een wedstrijd, en na een MATE situatie als de wedstrijd wordt hervat.
|
|
MATE
|
Stop, wordt gezegd als de wedstrijd tijdelijk wordt onderbroken
|
|
SORE-MADE
|
Einde wedstrijd, wordt gezegd als de tijd om is, of nadat er een IPPON gescoord is
|
|
KOKA
|
Kleine score, 3 punten
|
|
YUKO
|
Klein voordeel, 5 punten
|
|
WAZA-ARI
|
Half punt, 7 punten
|
|
WAZA-ARI-AWASETE-IPPON
|
Dit wordt gezegd als je voor de tweede keer een WAZA-ARI hebt gescoord. Normaal worden scores in het judo niet bij elkaar opgeteld, behalve bij twee keer een WAZA-ARI, dan wordt de score automatisch een IPPON. (wordt gevolgd door SORE-MADE)
|
|
IPPON
|
Vol punt, 10 punten (wordt gevolgd door SORE-MADE)
|
|
SHIDO
|
Straf na lichte overtreding, Bij de eerste SHIDO krijgt je tegenstander een KOKA, bij de tweede SHIDO wordt de eerdere KOKA omgezet in een YUKO, bij de derde SHIDO wordt de eerdere YUKO omgezet in een WAZA-ARI, tenslotte als je voor de vierde keer een lichte overtreding begaat krijg je HANSOKU-MAKE en verlies je de wedstrijd doordat de tegenstander IPPON krijgt. In deze situatie spreken we van een opbouwende HANSOKU-MAKE en mag je wel verder aan het toernooi deelnemen.
|
|
HANSOKU-MAKE
|
Straf na een zware overtreding, Je verliest de wedstrijd doordat je tegenstander IPPON krijgt, ook wordt je voor verdere deelname van het toernooi uitgesloten, tenzij het een opbouwende HANSOKU-MAKE betreft zoals beschreven in het stukje SHIDO.
|
|
OSEAKOMI
|
Houdgreep, wordt gezegd wanneer je een controletechniek maakt op de grond waarbij je tegenstander op z’n rug ligt en je controle hebt met je buik of met je zij. Bij een houdgreep van 25 seconden scoort de betreffende judoka IPPON, bij een houdgreep van 20 seconden of langer, maar minder dan 25 seconden scoort de betreffende judoka een WAZA-ARI, bij een houdgreep van 15 seconden of langer, maar minder dan 20 seconden scoort de betreffende judoka een YUKO, bij een houdgreep van 10 seconden of langer, maar minder dan 15 seconden scoort de betreffende judoka een KOKA, tenslotte bij een houdgreep van minder dan 10 seconden scoort de betreffende judoka niets,
|
|
TOKETA
|
Houdgreep verbroken, dit wordt gezegd als je tegenstander uit de houdgreep weet te ontsnappen, of dat hij een been weet in te klemmen.
|
|
JAPANS
|
NEDERLANDS
|
|
|
|
|
SONO-MAMA
|
Stil blijven liggen, dit komt voor in het grondgevecht waarbij de verdedigende judoka, een blessure oploopt of eventueel een straf krijgt, hierbij wordt de wedstrijd- en houdgreeptijd stopgezet zodat de betreffende judoka zijn straf in ontvangst neemt of dat de arts (of EHBO) op de mat wordt geroepen. later worden de judoka’s in dezelfde positie teruggelegd zodat de wedstrijd weer hervat kan worden. Dit is allemaal bedoeld om te voorkomen dat de aanvallende judoka zijn voordeelpositie kwijtraakt.
|
|
YOSHI
|
Hervat gevecht, dit volgt alleen na een SONO-MAMA situatie. Nadat de judoka’s eventueel weer in de oorspronkelijke posities terug worden gelegd. De wedstrijd- en houdgreeptijd worden hervat (dus niet teruggezet op nul).
|
|
HANTEI
|
Beslissing van de winnaar, dit wordt gezegd als de judoka’s gelijk zijn geëindigd, en de scheidsrechters moeten beslissen wie zij de beter vonden. Dit wordt met witte en rode (soms blauwe) vlaggen kenbaar gemaakt. Een beslissing wordt als volgt beoordeeld (bij gelijke stand): het belangrijkste zijn de KINSA’S, vervolgens als dat gelijk is wordt er gekeken naar de aanvallen, (wie maakte de meeste aanvallen met belangrijke balansverstoringen) Als dat ook gelijk is wordt er ten derde gekeken naar activiteit (de aanvallen die geen belangrijke balansverstoringen hebben opgeleverd) en mocht zelfs dat nog gelijk zijn, dan wordt er nog naar het positief judo gekeken (wie had de meeste aanvallende intenties)
|
|
HIKIWAKE
|
Gelijkspel, dit komt alleen voor in de teamwedstrijden waarbij een wedstrijd gelijk is geindigd. In dat geval vindt er geen HANTEI plaats, maar wordt een gelijkspel toegepast.
|
|
KINSA
|
Dit wordt nooit gezegd, maar het is toch een veelgehoorde term. Dit zijn de onzichtbare score’s. bijvoorbeeld een judoka maakt een werpactie waarbij zijn tegenstander valt, maar wel dusdanig dat het net geen score oplevert, deze net niet score’s worden aangemerkt als zijnde KINSA’S, die later bij een HANTEI weer belangrijk kunnen zijn.
|
|
SOGO-GACHI
|
Samengestelde overwinning, dit komt alleen voor als een judoka al een waza-ari heeft gescoord, en zijn tegenstander loopt voor de derde keer tegen een shido op. Er wordt dan bij het aanwijzen van de winnaar SOGO-GACHI gezegd.
|
|
KIKEN-GACHI
|
Overwinning door terugtrekking, dit wordt gezegd als een judoka zijn tegenstander opgeeft door bijvoorbeeld een blessure, let wel afkloppen hoort hier dus niet bij. Er wordt dan bij het aanwijzen van de winnaar KIKEN-GACHI gezegd.
|
|
FUSEN-GACHI
|
Overwinning door het niet komen opdagen van de tegenstander, de judoka staat hierbij alleen op de mat, en wordt aangewezen als winnaar door de scheidsrechter waarbij de scheidsrechter FUSEN-GACHI.
|
|
KACHI
|
Winnaar, de scheidsrechter wijst de winnaar aan, KACHI wordt niet gezegd hierbij.
|
|